Van de breede Koninginne-brug zag Paulus huiverend over de wijde, grijze rivier, die Leliënstad scheidt in twee helften, de oude stad en de nieuwe.—Wild voortgezweept door den snijdenden wind stroomde het water met schuimende golven onder hem door, waar hij peinzend gebogen stond over den natten, steenen wand.—Vóór hem zag hij het verre rivierverschiet, met hooge bruggen, en nóg eens bruggen, en bruggen.... en als hij éven omzag, waren het weêr bruggen, op groote afstanden, zonder eind. Overal lagen kolossale, zwarte stoombooten, en zware zeilschepen, en donkere, lange nachtschuiten, vòlbeladen. Sommige dreven stil op het water met sombere drommen van loonslaven, zwoegend onder ruggen-kromm…
Or read it translated: 日本語 · 中文 · हिन्दी · Español · العربية · Français · বাংলা · Português · Русский · Bahasa Indonesia · اردو · Deutsch · Kiswahili · 한국어