Laet niet toe, mynen zoon, dat de Nederlanders van den uytheemschen verdrukt worden, ten ware dat gy u selven in een jammerlycken en gheduyrighen inlandschen oorlog wilde steken. De nacht was duister, en de regen, die bij afwisselende vlagen nederstortte, had de nare straten der stad Antwerpen tot menigvuldige waterplassen gemaakt. Geen ander licht deed zich in het verschiet aan het oog op, dan de weinige flikkerende kaarskens, welke de inwoners voor de beelden ontstoken hadden. Luttel burgers durfden zich in die tijden om middernacht alleen in de straten begeven; want de verschillende gezindheden, die er alsdan heerschten, hadden ieder mensch den anderen tot eenen vijand gemaakt. D…
Or read it translated: 日本語 · 中文 · हिन्दी · Español · العربية · Français · বাংলা · Português · Русский · Bahasa Indonesia · اردو · Deutsch · Kiswahili · 한국어