EEN LEVENSDROOM 1 DE PIJPELINGJES 37 DE WEDDENSCHAP 46 DE GEVANGENEN 55 DE KIKKERS 63 PIERKE EN KOOTJE 90 HET PAARD 121 DE DOOP 129 DE BAANWACHTER 137 DE BROODVERVOERDER 148 TRAGEDIE 175 DUKSKE 201 Wel had hij niet lang te bed moeten liggen, maar hij hoestte, hij hoestte halsstarrig, een van die droge, snirsende, onoverwinnelijke hoesten, die niets te maken hebben met eene gewone, vluchtige verkoudheid. Hij zag er bleek en zwak uit, hij was aanzienlijk vermagerd, zijn aangezicht was pijnlijk saâmgetrokken; zijn oogen stonden nu eens grijs en dof, dan weer hadden zij een vurigen glans, angstwekkend en onheilspellend. Maar met den herfst, Goddank, was hij zeer veel gebeterd.…
Jouw steun betaalt de vertaling van deze klassiekers naar meer talen.
Steun voor $12/maand DonerenAbonnees lezen met directe vertaling, zonder te wachten op de dagelijkse gratis limiet.